Het woord voor "roos" in het Frans kan verwijzen naar zowel de bloem en de kleuren wordt hetzelfde gespeld:
rose
Uitgesproken: [ʁoz] (zoals rohz)
1. Rose - de bloem
-
Vrouwelijk zelfstandig naamwoord
-
une rose - een roos
-
la rose - de roos
Voorbeeld:
Elle a reçu une rose rouge.
Ze kreeg een rode roos.
2. Rose - de Kleur
-
Onveranderlijk bijvoeglijk naamwoord (dezelfde vorm voor mannelijk en vrouwelijk)
-
Betekent "roze" in het Engels
Voorbeelden:
-
une robe rose - een roze jurk
-
des fleurs roses - roze bloemen
-
un mur rose - een roze muur
Verwante woordenschat
-
rosier - rozenstruik
-
pétale - bloemblad
-
épine - doorn
-
bouquet de roses - boeket rozen
-
rose pâle - lichtroze
-
rose vif - felroze
-
rose foncé - donkerroze
Uitdrukkingen met rose
-
voir la vie en rose - het leven door een roze bril zien (te optimistisch zijn)
-
tout n’est pas rose - niet alles is perfect
-
une histoire à l’eau de rose - een sentimenteel of goedkoop liefdesverhaal
10 gebruiksvoorbeelden met vertalingen
-
J’ai planté un rosier dans le jardin.
Ik heb een rozenstruik in de tuin geplant. -
Cette robe rose est très jolie.
Deze roze jurk is erg mooi. -
Elle adore les roses blanches.
Ze houdt van witte rozen. -
Il m’a offert un bouquet de roses rouges.
Hij gaf me een boeket rode rozen. -
Les murs de la chambre sont peints en rose.
De muren van de slaapkamer zijn roze geverfd. -
Attention aux épines de la rose !
Kijk uit voor de doornen van de roos! -
Je vois la vie en rose avec toi.
Ik zie het leven in roze met jou. (Ik ben gelukkig met jou.) -
Le ciel est rose au coucher du soleil.
De lucht is roze bij zonsondergang. -
C’est une histoire à l’eau de rose.
Het is een sappig liefdesverhaal. -
Elle a une préférence pour les teintes roses.
Ze heeft een voorkeur voor roze tinten.