Hier is een handige lijst met veelvoorkomende Spaanse woorden, samen met hun synoniemen (woorden met een soortgelijke betekenis) en antoniemen (woorden met een tegenovergestelde betekenis). Deze gids is handig om je woordenschat uit te breiden, je spreekvaardigheid te verbeteren en subtiele verschillen in betekenis te begrijpen.
Bijvoeglijke naamwoorden
Bueno (goed)
Synoniemen: positivo, adecuado, excelente, correcto
Antoniemen: malo, negativo, inadecuado, incorrecto
Malo (slecht)
Synoniemen: negativo, terrible, pésimo, deficiente
Antoniemen: bueno, excelente, adecuado, positivo
Feliz (gelukkig)
Synoniemen: contento, alegre, satisfecho, eufórico
Antoniemen: triste, deprimido, infeliz, melancólico
Triste (verdrietig)
Synoniemen: deprimido, melancólico, infeliz, abatido
Antoniemen: feliz, alegre, contento, animado
Grande (groot)
Synoniemen: enorme, amplio, gigante, inmenso
Antoniemen: pequeño, chico, reducido, mínimo
Pequeño (klein)
Synoniemen: chico, diminuto, reducido, menor
Antoniemen: grande, enorme, amplio, gigante
Rápido (snel)
Synoniemen: veloz, ligero, ágil, apresurado
Antoniemen: lento, pausado, despacio, tardo
Lento (langzaam)
Synoniemen: despacio, pausado, tardo, tranquilo
Antoniemen: rápido, veloz, ágil, ligero
Werkwoorden
Amar (om lief te hebben)
Synoniemen: querer, adorar, apreciar, estimar
Antoniemen: odiar, detestar, aborrecer, rechazar
Odiar (om te haten)
Synoniemen: detestar, aborrecer, despreciar, rechazar
Antoniemen: amar, querer, apreciar, estimar
Hablar (om te spreken)
Synoniemen: conversar, charlar, comunicar, expresar
Antoniemen: callar, silenciar, guardar silencio
Dar (geven)
Synoniemen: entregar, ofrecer, donar, proporcionar
Antoniemen: quitar, retirar, negar, arrebatar
Zelfstandige naamwoorden
Amor (liefde)
Synoniemen: afecto, cariño, pasión, ternura
Antoniemen: odio, resentimiento, rencor, desprecio
Alegría (vreugde)
Synoniemen: felicidad, gozo, júbilo, placer
Antoniemen: tristeza, pena, dolor, melancolía
Paz (vrede)
Synoniemen: tranquilidad, calma, serenidad, armonía
Antoniemen: guerra, conflicto, violencia, caos
Trabajo (werk)
Synoniemen: empleo, ocupación, labor, tarea
Antoniemen: descanso, ocio, vacaciones, inactividad