Nederlandse Bijvoeglijke naamwoorden die beginnen met J

Hier is een lijst van 50 veelgebruikte Nederlandse bijvoeglijke naamwoorden die beginnen met de letter "J", samen met hun vertalingen.

Lijst van Nederlandse Bijvoeglijke naamwoorden beginnend met J

  1. Jaarrond - Het hele jaar door
  2. Jammerlijk - Betreurenswaardig
  3. Jachtig - Hectisch
  4. Jaloers - Jaloers
  5. Janboerenfluitjes - Informeel
  6. Jankerig - Zeurderig
  7. Jarig - Verjaardag
  8. Jong - Jong
  9. Jongensachtig - Jongensachtig
  10. Jongere - Jonger
  11. Joviaal - Joviaal
  12. Jubelachtig - Jubelend
  13. Juist - Correct
  14. Juridisch - Wettelijk
  15. Juweelachtig - Juweelachtig
  16. Jachtiglevend - Krampachtig
  17. Japanse - Japans
  18. Jazzy - Jazzy
  19. Jeugdig - Jeugdig
  20. Jeugdvriendelijk - Jeugdvriendelijk
  21. Jeugdzorggericht - Gericht op jeugdzorg
  22. Jointachtig - Gewrichtsachtig
  23. Jofel - Nice
  24. Joelend - Juichen
  25. Jokkend - Liegen
  26. Jongvolwassen - Jong volwassene
  27. Jongbloedig - Energiek
  28. Juigend - Verheugen
  29. Jankend - Huilen
  30. Jazeker - Verzekerd
  31. Jeukerig - Jeukerig
  32. Jaargetijdegebonden - Seizoen gebonden
  33. Juweelrijk - Rijk aan juwelen
  34. Jagerachtig - Jagerachtig
  35. Jachtgekleurd - Jachtkleur
  36. Jongeluiachtig - Jeugdig (slangachtig)
  37. Jovialistisch - Jovialistisch
  38. Janmatenachtig - Gewoon
  39. Jampotachtig - Pot-achtig
  40. Jubelend - Jubelend
  41. Ja-knikkend - Akkoord
  42. Jazzyachtig - Jazz-achtig
  43. Juweelachtigschitterend - Juweel-briljant
  44. Jeugdherinnerend - Nostalgisch naar de jeugd
  45. Japanologisch - Gerelateerd aan Japanse studies
  46. Janmensenachtig - Gewoon-mens-achtig
  47. Jeukend - Jeukerig
  48. Juwelenversierd - Versierd met juwelen
  49. Jongemensenlievend - Jeugd-liefdevol
  50. Jubileumachtig - Verjaardag-achtig

Voorbeelden van gebruik met vertalingen

  1. Het park is jaarrond geopend voor bezoekers.
    Het park is het hele jaar door geopend voor bezoekers.

  2. Het was een jammerlijke fout die gemakkelijk voorkomen had kunnen worden.
    Het was een betreurenswaardige fout die gemakkelijk voorkomen had kunnen worden.

  3. Hij voelt zich jaloers op het succes van zijn collega.
    Hij is jaloers op het succes van zijn collega.

  4. De jonge artiest heeft al veel prijzen gewonnen.
    De jonge artiest heeft al veel prijzen gewonnen.

  5. Haar jongensachtige charme maakt haar erg populair.
    Haar jongensachtige charme maakt haar erg populair.

  6. De joviale sfeer op het feest was aanstekelijk.
    De joviale sfeer op het feest werkte aanstekelijk.

  7. Het antwoord op de vraag was juist en volledig.
    Het antwoord op de vraag was correct en volledig.

  8. De jeugdig ogende acteur speelde een tiener in de film.
    De jeugdig ogende acteur speelde een tiener in de film.

  9. Het juweelachtige patroon op de stof was adembenemend.
    Het juweelachtige patroon op de stof was adembenemend.

  10. De kinderen waren jubelend na het winnen van de wedstrijd.
    De kinderen waren dolblij nadat ze de wedstrijd hadden gewonnen.